Jagtlust

Jagtlust is Annejets eerste boek. Hierin vertelt ze de geschiedenis van het gelijknamige Gooise landgoed dat gedurende de jaren vijftig en zestig uitgroeide tot een artistieke vrijplaats van on-Hollandse allure. ‘Je stampte met je voet op de grond en het was feest,’ zoals Remco Campert in het boek zegt. Maar Annejet ontdekte ook een donkere kant aan het verhaal, zoals het feit dat lang niet iedereen sterk genoeg bleek om deze 'prachtige chaos' te overleven. 
Het boek verscheen voor het eerst in 1998, toen nog met als ondertitel 'Hoe in een Goois buitenhuis de wereld openging'. Het is inmiddels negen keer herdrukt, er is een luisterboek van gemaakt (voorgelezen door Cees van Ede) en scenarioschrijfster Maria Goos werkt nu aan een speelfilm die losjes gebaseerd zal zijn op de in Jagtlust beschreven gebeurtenissen.


Hoe kwam je op het idee voor dit boek? 
Als journaliste schreef ik vaak over schrijvers, en in die kringen hoorde ik voor het eerst de verhalen over een mythisch landgoed in het Gooi, waar in de jaren vijftig een hele groep rijkeluiskinderen en kunstenaars een totaal nieuwe leefstijl was gaan uitproberen. Er waren eerder pogingen ondernomen om de geschiedenis ervan vast te leggen, maar die waren allemaal gestrand op het feit dat een van de hoofdpersonen, de al even mythische dichteres Fritzi ten Harmsen van der Beek, zich helemaal uit de openbaarheid had teruggetrokken. Maar ik had het geluk dat de andere mensen die cruciaal waren geweest in de Jagtlust-geschiedenis, zoals Remco Campert, Theo Sontrop en Heintje ten Harmsen van der Beek het net als ik zonde vonden dat dit verhaal voorgoed onder het stof zou verdwijnen, en het mij wel toevertrouwden. En ik besefte al snel: dit verhaal kun je niet recht doen met een artikel, dit verdient een boek. 

Was je toen eigenlijk al lang van plan schrijfster te worden? 
Nee, helemaal niet. Mijn ambities reikten nooit verder dan de journalistiek. Als kind was ik nogal verlegen en de journalistiek leek me zo'n mooi excuus om toch de wereld te kunnen verkennen. Maar toen ik eenmaal bij een blad werkte kwam ik er al snel achter dat ik niet echt in de wieg gelegd was voor de ’harde’ nieuwsjournalistiek en dus zocht ik mijn toevlucht in de journalistieke genres waar ik tijdens mijn studie in Engeland veel mooie voorbeelden van had gezien, zoals reconstructies en portretten. 

Wat trok je daar zo in aan? 
Ik vind en vond het boeiend om met allerlei mensen over een bepaald onderwerp te praten, er veel over te lezen en er in archieven naar te zoeken, en dan uit al die bronnen een samenhangend verhaal bij elkaar te puzzelen. En dat dan vervolgens zo op te schrijven dat zo'n verloren geschiedenis weer tot leven komt, en hopelijk, ook mijn lezers aanspreekt. 

Heb jij Fritzi uiteindelijk wel gesproken? 
Nee. Ik heb haar wel een aantal keren geschreven en haar het manuscript toegestuurd, maar ik heb nooit iets teruggehoord. Op zich was dat ook geen probleem - mijn interesse gold niet haar persoonlijk maar dat huis en die groep mensen eromheen. Het is vooral een generatieportret. En over Fritzi was op dat moment wel voldoende gepubliceerd om haar rol in het geheel inzichtelijk te maken. 

Maar ze schijnt er toch boos om geworden te zijn? 
Ja, dat heb ik onlangs ook gehoord. Ik vind dat jammer, maar ik weet ook dat Fritzi in haar latere jaren nogal vaak boos was op allerlei mensen. Eerlijk gezegd vraag ik me af of ze mijn boek überhaupt ooit gelezen heeft. Had ze dat gedaan dan had ze gezien dat ze weinig reden tot boosheid had. 'Het is een lief boek', zei haar zoon Gilles toen hij het manuscript had gelezen. En dat is het ook. 

Hoe was de ontvangst? 
Rustiger dan bij mijn latere boeken - literaire non-fictie was toen ook nog niet zo populair - maar wel zo bemoedigend dat ik gesterkt werd in het idee dat ik nog wel eens een boek kon schrijven. En dat was maar goed ook, want ik was echt aan die meer diepgravende projecten verslaafd geraakt, terwijl de journalistiek daar steeds minder ruimte voor bood. Dus ik begon al snel te dromen over een volgend boek, en dat werd Anna.    


Voormalig Jagtlustbewoner Theo Sontrop feliciteert Annejet op de boekpresentatie in 'Rust wat' - 17 oktober 1998