A. Nugteren schrijft:
'Verslonden hebben wij thuis respectievelijk de biografie van Annie Schmidt en Jagtlust. Ik voel em een beetje verbonden emt de familie Ten Harmsen van der Beek, want de zuster van mijn moeder was getrouwd met een broer van Eelco, de vader van Heintje en Fritzi. Op de foto ziet u ze samen met hun neefje Marius of tewel 'Maap' in augustus 1932 in Bussum.

Reinoud Douwes schrijft:
Reinoud Douwes bewaart goede herinneringen aan kunstverzamelaar Coen van Veen, die in Jagtlust enkele malen voorkomt. ‘Het was een studiegenoot en goede vriend van m'n vader- een zeer originele en flamboyante figuur die van een borrel hield. Tevens was het een uiterst serieuze verzamelaar van kunst en (met name) kinderboeken. Als kind heb ik uren en uren in z'n verzameling mogen lezen en spelen. Toen ik dan ook in uw boek opnieuw over hem las was ik zeer verbaasd hoe deze toch wat erudiete figuur in dit losbandige artistieke groepje erecht was gekomen. Mogelijk z'n geld. M'n vader noch ' oom Coen' leven meer- dus ik kan het hen niet vragen....’
Marcel van der Horst schrijft:
Marcel van der Horst uit Den Haag vond Jagtlust ‘adembenemend’: ‘Ik heb het in één keer uitgelezen en daarna herlezen. De persoon van vooral Fritzi ten Harmsen van der Beek intrigeerde hem al jaren en ooit deed hij zelfs een serieuze poging haar in Garnward te ontmoeten. ‘Ik heb op de deur geklopt. De overbuurvrouw ging eens verlekkerd over de onderste helft van haar uit twee delen bestaande deur hangen. Ze zei, met een zwaar Gronings accent: “Ik denk niet dat ze open doet”". Ik klopte nogmaals en hoorde vervolgens via het bovenraam: “Wie is daar?”. Ik noemde mijn naam en zei dat ik speciaal voor haar uit Den Haag naar Garnwerd was afgereisd en dat ik het als een enorme eer en genoegen zou ervaren als zij haar handtekening in de speciaal voor deze gelegenheid meegenomen poëziebundels zou willen zetten. “Nee, u heeft geen afspraak gemaakt. Ik doe het niet”, hoorde ik haar zeggen. Eind gesprek.
Ik betreurde het in hoge mate, maar had wel respect voor haar afwijzing. Ik was voor haar, bij wijze van spreken, een ongewenste literaire stalker. … Zij is, zoals U ongetwijfeld zult weten, in april 2009 overleden in een verzorgingstehuis in Groningen. … Een bijzondere, heel erg bijzondere vrouw.
Lilian van der Wilde schrijft:
Mevrouw Lilian van der Wilde uit Breda – gedurende haar Gooise jeugd bekend als 'Popje Sikkens’ – schrijft naar aanleiding van Jagtlust: '... alles was zó herkenbaar – àl die namen, onder andere Heintje en Fritzi met wie ik op de Gooise School zat, waar mevrouw Testats ons in de kleuterklas leerde boetseren en zo. Ik ruik nóg die heerlijke lijmgeur als je de klas inkwam.' Na de oorlog kreeg zij een baan op de documentatie van Het Parool, onder een zekere juffrouw Schmidt die ze later in Anna weer tegenkwam: 'Annie M.G. was een schat, het werk stomvervelend en als ik soms insliep knipte een jongeman een stuk van mijn toen nog blonde krullen. Annie M.G. was vol medeleven.'
Peter Willemsen schrijft:
'Ik heb Jagtlust in één adem uitgelezen. Vooral omdat ik het huis ken vanuit mijn eigen verleden. Korte tijd had ik op mijn 11e of 12e een kalverliefde met de dochter van projectontwikkelaar Brandts ... ze was mijn klasgenootje op de Larense Montessorischool. Mijn eerste zoentje - keurig op de wang hoor - kreeg ik van haar op de zolder van Jagtlust. Een onschuldig contrast met wat zich in de jaren daarvoor op Jagtlust afspeelde, realiseer ik me pas na het lezen van je boek. De geschiedenis van dit prachtige huis kende ik verder niet, totdat mijn uit Amsterdam afkomstige achterbuurvrouw metJagtlust in de hand bij me kwam binnenvallen en vroeg of ik als Gooier het huis op de omslag misschien kende... natuurlijk kende ik het!'
Maarten Lasthuizen schrijft:
‘Als voormalig Larinees heb ik genoten van Jagtlust ’, maar vraagt zich af of de beschrijving van het vrije uitzicht van de bewoners wel klopt: ‘Aan de overkant van het huis (wordt op dit moment wederom geschilderd en is daardoor aan het oog onttrokken door grote lappen doek) staan meerdere aanzienlijke villa's die gezien de omvang best wel eens ouder dan vijftig jaar kunnen zijn.’